De Indigofera die in het Nederlands Indigostruik heet is een breed uitgroeiende bladverliezende heester die, indien ieder jaar teruggesnoeid, een hoogte bereikt van maximaal 100 cm. De sierwaarde van de Indigofera zijn het blad en de bloemen. De kleine blauwgroene blaadjes staan aan weerszijde van de bladsteeltjes in rij en tellen 12 tot 21 blaadjes. De Indigofera bloeit vanaf juli tot en met september met lathyrusachtige bloemtrossen die wel 15cm lang kunnen zijn. Bij extreme vorstperiodes is het verstandig om de voet van de Indigofera af te dekken met wat beukenblad of snoeiafval van coniferen.

Indigofera_indigostruik_0001 Indigofera_indigostruik_0002 Indigofera_indigostruik_0003

Snoeien:
De Indigofera vriest meestal een flink eind in, hoewel ik sinds de ‚Äúnieuwe winters‚Ä? al een aantal keren gezien heb dat de plant in het geheel niet ingevroren was. Je kan de snoeiwijze dan ook het beste vergelijken met de snoeiwijze van de Buddleja en andere heesters die op eenjarig hout bloeien. Snoei medio maart eerst de eventueel ziek of beschadigde takken tot op de grond toe terug. Vervolgens snoei je de gehele plant af tot op ongeveer 25cm boven de grond. Deze klus kan je het beste begin april doen.

Indigo:
Uit de bladeren van de Indigofera tinctoria werd ongeveer 5000 jaar gelden al de stof indican gewonnen. Door oxidatie uit de lucht kon deze stof omgezet worden in de blauwe kleurstof indigo waarmee textiel blauw werd gekleurd. Heden ten dagen wordt deze stof synthetisch gemaakt en veelvuldig gebruikt om bijvoorbeeld spijkerbroeken blauw te kleuren.
 
Vermeerderen:
Indigofera is te vermeerderen middels een goed afgerijpte stek in de zomer.

Combineren met:
Babtisia
Gillenia
Macleaya (Pluimpaver of Vedermaan)